Van de overheid. Voor ondernemers.

Transitievergoeding berekenen

Deze informatie is geplaatst door: Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid

U moet uw werknemer een transitievergoeding betalen. Hoeveel? En waarmee moet u rekening houden?

De transitievergoeding is onderdeel van de Wet werk en zekerheid en geldt sinds 1 juli 2015, ook voor arbeidscontracten die al op 1 juli 2015 bestonden.

Tip: rekentool transitievergoeding

Bereken hier de transitievergoeding bij ontslag

Hoogte transitievergoeding

De hoogte van de transitievergoeding is afhankelijk van:

Per halfjaar dienstverband

Alleen hele periodes van 6 maanden dienstverband tellen mee voor de berekening. Ontslaat u uw werknemer bijvoorbeeld na 2 jaar en 4 maanden, dan tellen die 4 maanden niet mee voor de berekening.

Aantal jaren in dienst

Hoe langer uw werknemer bij u in dienst is, hoe hoger de transitievergoeding. Voor 50-plussers is er tot 2020 een speciale regeling. Die geldt niet voor kleine werkgevers.

Hoofdregel: werknemer is maximaal 10 jaar in dienst

  • 1/6 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband

Hoofdregel: werknemer is meer dan 10 jaar in dienst

  • 1/6 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband tot en met het 10e jaar
  • 1/4 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband vanaf het 10e jaar.

Uitzondering: vanaf 50-jarige leeftijd, bij meer dan 10 jaar in dienst en tot 2020

  • 1/6 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband tot en met het 10e jaar
  • 1/4 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband vanaf het 10e jaar
  • Is uw werknemer bij ontslag 50 jaar of ouder en minstens 10 jaar in dienst? Vanaf 50-jarige leeftijd, in plaats van voorgaande en tot 2020: 1/2 bruto maandsalaris per periode van 6 maanden dienstverband. Dit geldt vanaf de eerste volle periode van 6 maanden na de 50e verjaardag van uw werknemer. Dit geldt niet voor kleine werkgevers.

Voorbeeld

Uw werknemer is al sinds 1 januari 2001 bij u in dienst en werd 50 op 1 april 2011. U ontslaat uw werknemer per 31 december 2015. De transitievergoeding wordt dan:
  • 1-1-2001 tot en met 31-12-2010 (10 jaar dienstverband): 1/6 bruto maandsalaris x 20 halve dienstjaren = 3 1/3 bruto maandsalaris.
  • 1-1-2011 tot en met 30-6-2011 (meer dan 10 jaar dienstverband): 1/4 bruto maandsalaris x 1 half dienstjaar = 1/4 bruto maandsalaris.
  • 1-7-2011 tot en met 31-12-2015 (eerste volledige periode van 6 maanden, vanaf 50 jaar): 1/2 bruto maandsalaris x 9 halve dienstjaren = 4 1/2 bruto maandsalaris.
De totale transitievergoeding is dan 8 1/12 maandsalaris.

Wanneer bent u een kleine werkgever?

U bent een kleine werkgever als u gemiddeld minder dan 25 werknemers had in de 2e helft van het kalenderjaar voorafgaand aan het jaar:
  • waarin u de ontslagprocedure start bij UWV of de kantonrechter OF
  • waarin het arbeidscontract van uw werknemer eindigt.
Voor het aantal werknemers tellen payrollers mee.

Maximale transitievergoeding

De transitievergoeding per 1 januari 2016 is maximaal 1 bruto jaarsalaris of maximaal € 76.000 bruto, als het jaarsalaris lager is dan € 76.000 bruto.

Aftrek van kosten voor scholing of outplacement

Kosten voor bijvoorbeeld outplacement of scholing kunt u aftrekken van de transitievergoeding. Ook kosten voor inzetbaarheid van uw werknemer buiten uw bedrijf mag u aftrekken, als die zijn gemaakt tijdens het dienstverband. Heeft u een langere dan oorspronkelijke opzegtermijn met uw werknemer afgesproken? En is uw werknemer tijdens deze termijn vrijgesteld van werk? De kosten daarvoor mag u ook aftrekken. Er zijn wel voorwaarden voor aftrek van deze kosten. Zo mag u ze in principe alleen aftrekken als u de kosten maakte in overleg met de werknemer.

Deze informatie is geplaatst door:

Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid