Van de overheid. Voor ondernemers.

Crisis- en herstelwet

Deze informatie is geplaatst door: Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

De Crisis- en herstelwet zorgt voor tientallen miljarden aan extra investeringen op korte termijn.

Volgens de regering is dit goed voor de werkgelegenheid, vooral in de bouwsector. Op die manier draagt de wet bij aan het bestrijden van de economische crisis en een duurzaam herstel van de economische structuur van Nederland. De Crisis- en herstelwet is op 16 maart 2010 aangenomen door de Eerste Kamer en trad op 31 maart 2010 in werking.

Windparken van 5 tot 100 MW

De Crisis- en herstelwet (CHW) heeft ook consequenties voor windenergie. Voor windparken tussen de 5 en 100 MW is bepaald dat het een provinciaal belang betreft. Provinciale Staten zijn bevoegd gezag.In de praktijk betekent de Crisis- en herstelwet dat een initiatiefnemer voor een windpark tussen 5 en 100 MW zich allereerst meldt bij de betreffende gemeente.Planologische procedureIndien de gemeente weigert om ten behoeve van het windinitiatief het bestemmingsplan vast te stellen of te wijzigen, kan de initiatiefnemer een beroep doen op de provincie. Provinciale Staten zijn bevoegd om op verzoek van een initiatiefnemer gronden aan te wijzen voor windmolens en daarvoor een inpassingsplan te maken. Dit kan gaan om de gronden waarvan de gemeente de wijziging van een bestemmingsplan heeft afgewezen, maar ook om andere gronden. Er mag dus worden uitgeweken naar een alternatieve locatie.VergunningenVerder zijn Gedeputeerde Staten (GS) de bevoegde instantie voor het verlenen van de benodigde vergunningen. Dit is ook het geval indien een gemeente wel meewerkt ten aanzien van het vaststellen of wijzigen van het bestemmingsplan. Als Gedeputeerde Staten van mening zijn dat het niet tot versnelling leidt als de provincie de vergunningen verleent, kunnen zij besluiten de coördinatieregeling niet toe te passen. Hiermee valt de beslissing voor de vergunningen die onder de coördinatieregeling vallen weer terug naar de gemeente. Gemeenten die zelf actief meewerken aan windenergie kunnen de provincie dus verzoeken van de coördinatieregeling af te zien.Meer toelichting vindt u in het document 'CHW Vragen en antwoorden'.

Doelstelling per provincie

De verplichting om gronden aan te wijzen en een inpassingsplan te maken komt voor de provincie te vervallen wanneer voldaan is aan het voor die provincie benoemde gedeelte van de rijksdoelstelling. Deze doelstelling moet nog vastgelegd worden in een AMvB door de minister van EL&I. Overleg hierover is op dit moment gaande.

Wettekst

De wettekst met betrekking tot windenergie is te vinden in artikel 3.2 van de Crisis- en herstelwet. In dit artikel is de permanente wijziging in de Elektriciteitswet 1998 beschreven. De wijziging die van belang is voor windenergie is de invoeging van Artikelen 9e en 9f.

Effecten van de CHW volgens de 12 provincies

De VROM-Inspectie is bij 12 provincies nagegaan welke effecten van de CHW te verwachten zijn die per 31 maart 2010 in werking is getreden. Bevindingen zijn in het rapport 'Windenergie sneller ingepast? Korte termijn effecten windenergie door CHW' uitgewerkt. Bij dit rapport hoort een bijlage met de titel: Uitvoering windenergie in relatie tot Crisis- en herstelwet/Elektriciteitswet 1998.De VROM-Inspectie concludeert op basis van het uitgevoerde onderzoek dat volgens de provincies de Crisis- en herstelwet op korte termijn weinig zal bijdragen aan de realisatie van windenergieprojecten via provinciale inpassingsplannen.

Gerelateerde documenten

Deze informatie is geplaatst door:

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

Heeft u nog vragen?

Rijksdienst voor Ondernemend Nederland

Bel: 088 042 42 42